Je wordt niet als fuckboy geboren, je wordt er een. Voor Tom* gebeurde dat op de universiteit. Omdat hij op de middelbare school niet veel had gedatet, wilde hij de verloren tijd inhalen en hield hij er tegelijkertijd drie tot vijf situationships op na. Zodra het contact met de een verwaterde, begon hij iets met een ander.

Het managen van zijn roster werd een bijbaan: tijd vrijmaken om berichtjes te sturen, te flirten en dates te regelen. Zelfs die dates verliepen volgens een vast stramien, tot aan dezelfde locatie, dezelfde ijsbrekers en hetzelfde verloop van de avond toe — alleen telkens met een andere vrouw. Het was ‘een beetje onpersoonlijk’, geeft Tom toe, inmiddels 38 en tien jaar voorbij het hoogtepunt van zijn fuckboyperiode, ‘maar zo wist ik zeker dat ik iemand een geweldige avond zou bezorgen.’

Vrouwen vertelden hem steevast dat het de beste date was die ze ooit hadden gehad. Niet zo gek, want Tom schaafde zijn act na elk optreden verder bij. ‘Als ik een grap maakte die geweldig aansloeg, of een openingszin heel goed werkte, gebruikte ik die opnieuw. Ik leerde welke drankjes je het beste kon bestellen, wat de beste tijden waren om af te spreken en wanneer je naar de volgende plek moest gaan. […] Het is gewoon een show voor één persoon.’

Die lovende recensies leverden hem echter geen geweldige reputatie op. Tom was zo berucht op de campus dat er op online forums over hem werd gepost; hij vermoedt zelfs dat er een geheime Facebookgroep bestond waarin zijn exen over hem roddelden.

Hoe je een fuckboy voortaan herkent

Dat is een van de kenmerken van een fuckboy: het spoor van chaos, woede en pijn dat hij achterlaat. Het is niet simpelweg een label voor iemand — doorgaans een jonge, of relatief jonge, heteroman — die veel seks heeft met verschillende partners. Een fuckboy vertelt je wat je wilt horen om te krijgen wat hij wil, en ghost je vervolgens abrupt of laat het contact langzaam doodbloeden.

Het fenomeen fuckboy is inmiddels welbekend en ze zijn vaak makkelijk te herkennen — van hun overduidelijke berichtjes laat op de avond tot hun zorgvuldig ingestudeerde vertoon van zelfbewustzijn. Instagramaccounts als @beam_me_up_softboi hebben het fuckboy-draaiboek volledig blootgelegd (voor wie niet bekend is met de term: een softboi is een variant op de fuckboy).

Hun beweegredenen zijn echter minder goed begrepen. Is het uiteindelijke doel van een fuckboy simpelweg om keer op keer het bed met iemand in te duiken, of spelen er diepere factoren mee? Zijn ze er bewust op uit om anderen te manipuleren, of zijn hun eigen beweegredenen zelfs voor henzelf niet helemaal duidelijk?

Wat zijn eigenlijk hun motieven?

Een manier om daarachter te komen, is het ze gewoon te vragen. De in Londen gevestigde theoreticus en schrijver Sarah Stein Lubrano sprak het afgelopen jaar met tientallen zelfverklaarde voormalige fuckboys, in de hoop meer inzicht te krijgen in waarom fuckboys doen wat ze doen en wat dit archetype mogelijk zegt over de tijd waarin we leven.

‘Zelf ben ik ook niet immuun voor fuckboys,’ geeft Lubrano toe. Ze hield ‘maandenlang’ aantekeningen bij voordat ze vorig jaar uiteindelijk op haar Substack een theorie over de fuckboy publiceerde. Meer recent zette Lubrano het gesprek voort met haar bijna 50.000 volgers op Instagram. Ze ontdekte dat sommige van haar volgers — de meesten, maar niet allemaal, cisgender mannen — niet alleen bereid waren zichzelf het label toe te eigenen, maar ook uitgebreid over hun gedrag wilden vertellen (vaak in lange berichten, voegt ze er ironisch aan toe).

Dus hoe kijken deze voormalige fuckboys terug op hun gedrag van vroeger? Op welke manier werkt dat verleden door in hun huidige relaties? En waar hebben ze spijt van — als ze überhaupt ergens spijt van hebben?

De fuckboy awakening

De paradox van de fuckboy is: hoe kan seks met wederzijdse instemming, waar zelfs actief naar wordt verlangd, zo’n nare nasmaak achterlaten? Lubrano stelt dat de fuckboy anderen kwetst door hen te behandelen als ‘inwisselbaar en transactioneel… zoals je dat bij een commerciële transactie doet’.

Een ontmoeting met een fuckboy wordt misschien zelfs wel bepaald door de manier waarop die eindigt: het terugtrekken uit het contact en het uiteindelijke ghosten leggen een gebrek aan zorg en aandacht bloot dat achteraf de hele relatie kleurt. De fuckboy toont doorgaans ook geen berouw of schiet in de verdediging, en zet daarbij vaak therapeutische taal als wapen in, zegt Lubrano: zo kan hij iemand die hij heeft gekwetst vertellen dat hij diegene niets verschuldigd is, of dat hij ‘te fucked-up’ is om zich beter te gedragen. ‘Maar zo werkt het natuurlijk niet,’ voegt ze eraan toe.

Lubrano wil benadrukken dat verlangen naar casual seks ‘niet het slechte aan de fuckboy is’. Het besef ‘dat je het kan krijgen’ leidt bij voorheen onzekere jonge mensen echter niet altijd tot goed gedrag, wanneer ze uitproberen hoeveel macht ze over anderen hebben en waar ze mee weg kunnen komen.

Lubrano zegt dat veel van de ontstaansverhalen van fuckboys die ze hoorde een vergelijkbaar verloop hadden: jonge mannen met weinig zelfvertrouwen die zich bewust worden van hun seksuele mogelijkheden. ‘Misschien gaan ze studeren, misschien beginnen ze naar de sportschool te gaan, misschien lezen ze voor het eerst Marx en merken ze dat meisjes dat aantrekkelijk vinden — en opeens denken ze: “O, hier kan ik mee aan de haal!”’

'Vrouwen waren mijn ondeugd'

Voor Tom leek vrouwen het bed in praten een manier om eigenwaarde te krijgen. ‘Ik wilde me aantrekkelijk en begeerlijk voelen. […] De seks was in mijn hoofd het bewijs van genegenheid.’ Tijdens zijn jeugd kreeg hij niet veel genegenheid van zijn ouders en hij geloofde lange tijd dat liefde een mythe was die was bedacht om de wereld minder eenzaam te laten lijken. Vrienden maakten weleens grapjes dat er een gat in hem zat dat hij met seks probeerde op te vullen — en Tom geeft toe: ‘Daar zit wel iets in.’

Als hij erop terugkijkt, zegt Tom dat een deel van zijn gedrag ‘absoluut niet oké was’: hij sliep met mensen die een relatie hadden, ging vreemd bij zijn eigen partners, kon blind zijn voor hun gevoelens en veroorzaakte problemen in hun leven. Ook zijn vriendenkring werd op de proef gesteld door zijn frequente egoïsme en zijn ‘gulzige’ seksuele honger, zegt hij. ‘Ik had liever aardiger willen zijn.’

Toch heeft Tom niet veel spijt van zijn fuckboyfase. ‘Ik denk dat het voor veel mensen bij hun twintiger jaren hoort om zich ergens buitensporig aan over te geven,’ zegt hij. ‘Vrouwen waren mijn ondeugd, in plaats van gokken, drank of heroïne — dus ik kijk met vergevingsgezindheid terug op mijn jongere zelf.’

Intimiteit zonder de lasten van een relatie

Lubrano zegt dat haar poging om fuckboys te begrijpen niet betekent dat ze hen wil verdedigen: ‘Vaak maken ze misbruik van anderen.’ Maar veel van haar geïnterviewden leken niet alleen individuen uit te buiten, maar ook een systeem: ze maakten gebruik van het feit dat de lat voor mannen om als seksueel aantrekkelijk — of zelfs relatiemateriaal — te worden beschouwd erg laag ligt, ondanks gedrag waaruit het tegendeel blijkt. ‘Onze genderrollen helpen ons niet echt,’ zegt ze. ‘We moeten ons afvragen wat er mis is met ons script, waardoor dit steeds opnieuw gebeurt.’

Voormalige fuckboys vertelden haar vaak dat ze werden ‘meegezogen in de logica’ van het fuckboy-zijn, soms maar halfbewust. ‘Velen bekenden het ongeveer zo: “Zodra je beseft dat je het kan doen, ga je het spel spelen.”’ Op andere momenten leerden ze ‘wat iemand tijdens de eerste drie dates wil horen — soms letterlijk via een of ander afschuwelijk online forum.’

Lubrano vervolgt, parafraserend: nadat ze een vrouw het bed in hebben gepraat, genieten ze weken- of maandenlang van aandacht, seks en soms een ontbijt. ‘En zodra het ingewikkeld wordt, vertrekken ze.’

Het is niet moeilijk om te zien wat de mannen uit zo’n situatie halen: de voordelen van intimiteit en verbondenheid, al is het maar tijdelijk, zonder de risico’s en lasten van een echte relatie. Maar uiteindelijk werkt dat vaak juist tegen hen, zegt Lubrano. ‘De vaardigheden waarmee je iemand zover krijgt met je naar bed te gaan, zijn niet dezelfde vaardigheden die je nodig hebt om een relatie te hebben. […] De fuckboy zegt dat hij niet klaar is voor een relatie — en daarin heeft hij gelijk.’

De sociale gevolgen voor fuckboys

Zoals het verkleinende karakter van het label al suggereert, denkt Lubrano dat fuckboygedrag misschien een fase is waar mensen ‘meestal, uiteindelijk’ overheen groeien — omdat ze naar een echte verbinding gaan verlangen, genoeg krijgen van het drama en het schuldgevoel, of allebei.

Door over hun gedrag uit het verleden te willen praten, leken veel respondenten zelfs op zoek te zijn naar vergiffenis. Lubrano kreeg de indruk dat er voor sommigen ‘veel schuldgevoel’ gepaard gaat met het fuckboy-zijn, ook al kunnen ze door anderen als egoïstisch of gevoelloos worden ervaren: ‘Uiteindelijk verbrand je heel wat sociale bruggen achter je… en het verandert hoe je naar jezelf kijkt.’

Heel letterlijk zelfs, zoals de 34-jarige Armando* over het label opmerkt: ‘Niemand zal zichzelf zo noemen.’ Toch zegt hij dat de definitie van fuckboy wel degelijk paste bij zijn ‘archetypische Don Juan-periode’ in zijn twintiger jaren, toen hij veel partners had, soms tegelijkertijd.

Het hoogtepunt van Armando’s ‘hectische vreemdgaan’ kwam toen hij op het huis paste van een vrouw met wie hij naar bed ging en een andere vrouw mee naar huis nam, die daar een gebruikte tampon achterliet. ‘Dat kwam natuurlijk uit en het werd een groot sociaal schandaal,’ zegt hij.

Hij omschrijft zijn gedrag van toen nu op zijn best als onzorgvuldig, en als iets dat werd gedreven — maar niet gerechtvaardigd — door weinig zelfvertrouwen. ‘Er komt enorm veel schuldgevoel kijken bij de chaos die je veroorzaakt. […] Uiteindelijk is er per definitie niets zo verwend als een fuckboy.’

Verzachtende omstandigheden

Maar Armando had wel verzachtende omstandigheden, voegt hij eraan toe: in die periode verzorgde hij zijn vader tijdens een langdurige, pijnlijke achteruitgang als gevolg van de ziekte van Alzheimer. ‘Eigenlijk hield ik mijn depressie onder controle door te neuken. Het was gewoon een manier om alles wat draaglijker te maken.’

Armando was ‘een wrak’: verteerd door verdriet, hij dronk te veel en was duidelijk geen relatiemateriaal — maar juist daardoor leek hij alleen maar aantrekkelijker te worden, zegt hij. Hij hoefde zelden zijn toevlucht te nemen tot datingapps, emotionele toenaderingen of bekentenissen om vrouwen te ontmoeten en te verleiden: ‘Meestal kookte ik gewoon voor ze en deed ik aardig.’

Wanneer Armando voelde dat zijn zelfbeschermende façade begon af te brokkelen, trok hij zich terug, liet hij berichten van zijn partners onbeantwoord en maakte hij zich steeds minder beschikbaar. De zorg voor zijn vader was bovendien een ‘geweldig excuus’ om zich uit die relaties los te maken, geeft hij toe. ‘Ik had die troef achter de hand — maar waarschijnlijk heb ik daar misbruik van gemaakt.’

Inmiddels heeft Armando, net als Paul, een open relatie, waardoor hij een balans heeft gevonden tussen vrijheid en stabiliteit. Hij mist zijn fuckboyfase niet, zegt hij: ‘Mijn hele truc draaide destijds om onverschilligheid en afstandelijkheid, en nu ben ik niet meer afstandelijk of onverschillig.’

Maar volgens hem moet het voor beide partijen mogelijk zijn om ‘van het vlees te genieten’ zonder dat er gevoelens worden gekwetst. ‘Je moet niet vervreemd raken door het genot dat je aan anderen ontleent, zolang die anderen ook genot aan jou beleven. […] Volgens mij is dat de belangrijkste conclusie: zolang beide partijen er iets aan hebben, is het geen probleem als het uiteindelijk verwatert.’

Dat mag dan waar zijn, maar een werkelijk wederzijdse relatie streeft op zijn minst naar eerlijke communicatie en respect — iets waar het fuckboys per definitie vaak aan ontbreekt.

Verlossing?

Hoewel Lubrano stelt dat ‘fuckboys altijd hebben bestaan’, zegt ze dat datingapps hun gedrag zeker faciliteren, net als de oppervlakkige contacten en het snelle komen en gaan van mensen in ons sociale leven die technologie op andere manieren in de hand werkt.

Een wereld zonder fuckboys is daarom misschien te veel gevraagd. Maar volgens Lubrano loopt de weg naar transparantere, gelijkwaardigere en plezierigere seks via sterkere gemeenschappen, een betere sociale infrastructuur en een groter individueel vermogen om moeilijke gesprekken aan te gaan.

‘Je moet een netwerk opbouwen waarin je andere mensen echt kent en waarin je verantwoordelijkheid tegenover elkaar aflegt. Dan kun je het verdragen als de een een relatie wil en de ander niet, omdat je de vaardigheden hebt om erover te praten.’

Maar dat is allesbehalve eenvoudig, beaamt Lubrano — niet in de laatste plaats omdat het niet alleen van fuckboys, maar ook van de mensen die zich met hen inlaten vraagt om eerlijk onder ogen te zien wat ze daadwerkelijk zoeken in liefde, seks en daten, en wat ze bereid zijn te accepteren in hun zoektocht daarnaar.

Voor Tom kreeg zijn fuckboyfase uiteindelijk iets positiefs doordat die hem bij zijn huidige vrouw bracht, die hij zijn soulmate noemt. Toen ze elkaar ontmoetten, vertelde ze dat ze online over zijn reputatie had gelezen; tijdens hun eerste date sprak ze hem zelfs aan op zijn ‘eenmansshow’ — iets wat slechts twee vrouwen ooit hadden gedaan. Tom wist ‘meteen’ dat hij haar opnieuw wilde zien, zegt hij.

Omdat hij daarvoor niet in liefde geloofde, herinnert hij zich dat hij zich afvroeg wat het betekende dat hij voor één vrouw begon te vallen. ‘Telkens wanneer ik een aantrekkelijke vrouw zag of sprak, zei ik tegen mezelf: “Wil je haar niet? Is zij niet net zo goed als het meisje met wie je bent?” En het antwoord in mijn hoofd was altijd: “Nee. Nee, nee, nee.” Ik wilde specifiek deze ene persoon… en geen enkele seks die ik ooit zou kunnen hebben, zou ooit ook maar in de buurt komen van wat dat betekende.’

Tom schrijft dat toe aan haar emotionele openheid, waardoor zijn draaiboek — hoe betrouwbaar succesvol dat tot dan toe ook was geweest — manipulatief, zo niet moreel verkeerd, begon te lijken, zegt hij.

‘Het is makkelijk om spelletjes goed te praten wanneer de ander ook spelletjes speelt — als diegene ongeïnteresseerd doet, expres wacht met berichten sturen of hints laat vallen over de andere opties die diegene heeft. Het voelt eigenlijk geweldig, alsof je wint. Maar wanneer iemand zich volledig kwetsbaar opstelt, word je gedwongen onder ogen te zien hoe jij ervoor kiest je te gedragen.’

Zijn ‘fuckboyfase’ kwam definitief ten einde, zegt Tom, toen hij besefte: ‘Ik wilde deze persoon goed behandelen.’