In december deed ik een yoga-challenge: 21 dagen achter elkaar hot yoga'en. Zo kon ik de lekkerste hot yoga-setjes testen en sterker en soepeler worden. Maar het bleek dat ik vooral mentaal redelijk onbuigzaam was...
21 dagen (niet) zen: dit leerde ik van elke dag yoga'en
Sporten betekent voor mij over het algemeen cardio-heavy work-outs, afgewisseld met soms een lesje reformer pilates. Die reformer voelt dan als een soort klimrek; pilates of yoga op een mat leek me maar saai. Tot ik queen Dua Lipa steeds op haar kop zag staan; de paparazzifoto’s van de zangeres in een rustige hoofdstand op een paddle board waren overal, en ik dacht: dat wil ik ook. Dus toen ik een hot yoga 21-daagse voorbij zag komen – elke dag een les bij Movements Amsterdam –, besloot ik dat dat hét startschot zou zijn van mijn yoga journey.
Routine loading
Natuurlijk wil ik niet alleen een performatieve yoga-goddess zijn; ik denk ook dat het goed voor me is om een uur per dag op deze manier met m’n lijf bezig te zijn. Rust in m’n kop zonder rondtrappende benen en een pompende beat. Ja, denk ik van tevoren, ik ga voor iets nieuws: stilte, warmte, rust, reinheid, regelmaat… Maar op dag 1 moet ik meteen even eerlijk zijn: ik heb dit weekend net een paar glazen champagne te veel gedronken om écht lekker op één been te kunnen staan. Ik ga naar Hot C, waarin we elke keer dezelfde poses in dezelfde volgorde doen. Ik besluit de komende weken vooral naar deze les te gaan; ik ben benieuwd of die vaste routine me uiteindelijk gaat vervelen, of dat het juist heel lekker is dat ik merk dat ik beter word en weet wat er komen gaat.
Mis dit niet
Speciaal afgestemd op jouw voorkeuren
Meld je aan voor gepersonaliseerde verhalenTijdens m’n morning coffee, tussen een persevent en m’n yogales in, probeer ik op dag 2 de lessen voor de komende negentien dagen in te boeken. Uiteindelijk geeft dat rust, maar ugh – dat plannen vind ik dan wel weer stressy. Van de weeromstuit sta ik om 11.15 uur bij de verkeerde studio. Ik dacht zo lekker op tijd te zijn, nu moet ik alsnog flink racen. Op een been staan gaat nog steeds voor geen meter.
Om 17.30 uur, voor m’n les op dag 4, heb ik geen!!! zin!!! Ik wil de rest van de avond onder een dekentje. Maar ik ga natuurlijk wel, afspraak is afspraak, en om 19.10 uur kom ik blij de studio uit: het was natuurlijk hartstikke lekker. En warm – een groot voordeel, merk ik.
Nama-stay present
Het is dag 7 en ik plak tevreden de zevende sticker op de grote namenlijst die in de hal van de yogaschool hangt. Erna probeer ik een beetje te reflecteren: ik hoop en denk aan dit experiment een betere band met m’n lijf en respect voor m’n eigen discipline over te houden, maar ben eigenlijk verbaasd om iets anders te merken: hoewel ik het leven graag onvoorspelbaar en afwisselend heb, doet dit dagelijkse uurtje routine heel veel voor me. Het is, hoewel ik op verschillende tijden ga, een vast punt in de dag, en het voelt heel erg als selfcare. En de yoga is niet per se productief. Waar ik vooral rocycle omdat ik dat lekker vind en het een uitlaatklep is, vind ik het óók chill dat het me productiever maakt, het een kickstart aan de dag is, en het een lekker gevoel is als ik al een paar honderd calorieën verbrand heb voor de werkdag überhaupt begonnen is. Al die dingen hoef ik van de yoga niet te verwachten.
En ik bedenk me ook: oefening baart kunst. Ik ben niet dol op fouten maken en daardoor begin ik vaak niet eens aan dingen. Maar ja, dan leer je ze ook niet. In de lessen deze weken leer ik nieuwe moves en nieuwe spieren kennen, en dat is leuk, interessant en spannend.
Op dag 8 past alleen ‘the stillness session’ in m’n schema: 75 minuten lange, diepe stretches. Lekker is het op zich wel, moe word je er niet van (duh, je moet er juist van opladen), en ondertussen ben ik blij dat ik er vanochtend al een Rocycle-les ingefietst heb. Oeps.
Een paar dagen later doe ik weer zo’n rustig lesje: Hot Yin. Dat moet me geloof ik klaarstomen om naar bed te gaan – tijdens de laatste savasana val ik inderdaad bijna in slaap –, maar na de les haast ik me naar de kleedkamer om m’n wimpers te krullen en een strakke top aan te trekken; ik ga flink bijpraten en wijn drinken met een goede vriend. The duality of a woman, I guess.
Tijdens een scrolsessie op dag 12 zie ik een tiktok over wat een privilege het is dat je kan bewegen, dat je kan doen wat je wil. Dat voel ik deze dagen heel erg. M’n lijf doet dit!
Op dag 14 maakt m’n hart een sprongetje als ik de binnentuin van de studio inloop, maar door het Cosmo-kerstdiner – inclusief esma’s en salmarishots – van gisteren zijn m’n balans en concentratie ver te zoeken. Bloedirritant. “You did enough,” zegt de docent tegen de hele groep na de les. Nou, denk ik, dat been ging helemaal niet hoog genoeg en m’n rotation was ook niet goed. Maar dat is niet de key, herinner ik mezelf: ik ben geweest, I did this for me, en dat zou genoeg moeten zijn.
Dat is tekenend voor m’n hele ervaring met de 21-daagse (die ik trouwens, natuurlijk, helemaal volbreng): een gevecht tussen m’n productiviteitsdrang, accepteren dat je nieuwe dingen tijd moet geven, het willen vervullen van de uitdaging en het zoeken naar een bepaalde zen. Het is duidelijk dat drie weken yoga die innerlijke strijd niet gaat oplossen, maar ik ben wel een beetje stabieler, flexibeler en sterker. Fysiek én mentaal. Namasté.
Dit artikel verscheen, in een uitgebreidere vorm, in een vorig issue van Cosmo. Ons nieuwste nummer bestel je hierrr:
Roos van der Rijst is na haar studie Nederlands altijd druk gebleven met tekst; ze is Digital Editor bij Cosmopolitan en schrijft regelmatig voor ELLE en ELLE.nl. Ze is graag bezig met zaken als liefde, feminisme, kunst, cultuur en seks, maar kan wat celeb news op z’n tijd ook waarderen. Als ze niet achter een scherm zit vind je haar waarschijnlijk in de horeca, waar ze of zit te eten en drinken, of, misschien nog wel liever, zelf aan het werk is.











