Ik kan me de eerste dag dat ik het Cosmo-kantoor binnenliep nog goed herinneren. Dat was namelijk op licht knikkende knietjes. The Devil Wears Prada had mij als klein meisje namelijk tegelijk geïnspireerd en lichtelijk getraumatiseerd voor de magazine wereld. Zou mijn leven er net zo glamorous, maar tegelijkertijd ook net zo toxic uit gaan zien als in de film? Inmiddels kan ik daar eerlijk op reflecteren en hierbij loop ik de vooroordelen even langs.
1. Iedereen ziet er altijd goed uit
Ja oké, soms voelt het op kantoor wel een beetje als een mini-modeshow. Er zijn hier denk ik gemiddeld zeker meer fashion week worthy outfits aanwezig dan in je reguliere 9-5 kantoor. Ik denk dat we per definitie allemaal een soort passie hebben voor smaak en stijl, waardoor we bij een tijdschrift zijn beland en waardoor dat vanzelf ontstaat.
Maar het wordt zeker niet verwacht. Er wordt ook niet op je neergekeken als je een outfit repeater bent. Sterker nog: het laat juist iedereens persoonlijke stijl zien. Thank god, want sommige outfits verdienen gewoon een tweede, derde én vierde moment.
Mis dit niet
Speciaal afgestemd op jouw voorkeuren
Meld je aan voor gepersonaliseerde verhalenWat ik er vooral fijn aan vind, is dat je hier niet continu hoeft na te denken of iets wel “office appropriate” genoeg is. Op kantoor kan vrijwel alles. Vanochtend wandelt er een collega binnen op muiltjes en in een kanten, volledig doorschijnend pak. En het enige wat wij daarop te zeggen hebben is: slay queen. I love that.
2. De beroemde fashion closet
Over mode gesproken: de fashion closet uit The Devil Wears Prada. Die kast van je dromen vol designerstukken, waaruit je ook nog eens van alles kunt lenen. Hij bestaat, alleen is het in werkelijkheid allemaal een stuk praktischer dan in de film. Veel kleding wordt namelijk geleend van merken voor shoots, zorgvuldig bijgehouden en daarna weer geretourneerd. Het is dus vooral gewoon een opslagruimte vol dozen, pakbonnen en verzendlabels.
Desalniettemin blijft het geweldig om met Cosmo's fashion editor Lieke mee te gluren en stiekem mijn mening te geven over items die onze coversterren straks misschien aanhebben. Ahem, Zara flipping Larsson. Dat blijft toch wel een klein pinch me-moment.
3. Fashion week is echt en ja, we gaan er daadwerkelijk naartoe
Vroeger dronk ik eigenlijk nooit champagne, en nu komt het toch vrij geregeld op mijn pad. Dus ja, het kan zeker glamorous zijn. Via mijn werk heb ik dingen meegemaakt waar ik vroeger niet eens van durfde te dromen: premières, events, gratis producten, dinertjes en af en toe zelfs een tripje naar het buitenland. Ik mocht vorig jaar met Cosmo naar Fashion Week. Ik zeg maar wat.
Dat zijn de momenten waarop ik denk: ik leef mijn Devil Wears Prada fantasy. Maar dit zijn wel echt de uitschieters. En uiteindelijk is het ook gewoon onderdeel van de job. Op dit soort momenten ben je er vaak ook niet alleen om te genieten; je bent aan het werk, aan het netwerken of het blad aan het vertegenwoordigen. Niet per se complete ontspanning dus, maar wel super mooi meegenomen.
4. Print is niet dood
Het online team is ongetwijfeld groter dan in 2006 – sterker nog: die was er toen niet eens. De tijden veranderen en magazines veranderen natuurlijk mee, maar we hebben zeker nog een fysiek magazine waar heel hard aan wordt gewerkt en dat absoluut de moeite waard is om te lezen.
Ik hoop ook echt dat we dat nooit verliezen. Want hoe belangrijk online ook is, er blijft iets magisch aan een blad dat je echt kunt vasthouden en het bijbehorende creatieve proces.
5. En… is het echt zo intimiderend?
Tuurlijk ben ik zenuwachtig als ik een celeb moet interviewen, al helemaal als diegene een complete diva blijkt te zijn. En ja, mijn imposter syndrome slaat nog steeds volledig toe als ik ineens in een VIP-lounge sta terwijl mijn rekening in de min staat. Maar dat zijn meer mijn eigen interne battles en onzekerheden dan dat het aan het team of mijn ervaring in de industrie ligt.
In werkelijkheid is iedereen eigenlijk heel aardig en hebben we een gezellig team. Ik heb gelukkig nog nooit iemand een jas naar een stagiair zien gooien. Als er iemand het tegenovergestelde is van Miranda Priestly, dan is het hoofdredactrice Kelly wel. Oké vooruit, ze draagt wel af en toe Prada.
Als je een carrière in deze sector ambieert zou ik me niet laten afschrikken door The Devil Wears Prada. Voor mij is het gewoon een mix van leuke collega’s, goede outfits en precies genoeg glamour om het spannend maar dichtbij de realiteit te houden.
Shemayra Bonaparte kwam bij Cosmopolitan op de radar toen ze tijdens haar uitwisselingsjaar online haar Berlijnse avonturen deelde. Sindsdien duikt ze voor Cosmo in alles wat speelt in entertainmentland: van pop culture-momenten die je niet wilt missen tot trends die je timeline ineens overnemen. Met haar liefde voor mode en media voelt ze feilloos aan wat hot is (en vooral ook wat niet).












